Aspic van witte en blauwe druiven
De dag van tevoren beginnen.
Bereiding
De druiven afristen en wassen. De gelatineblaadjes laten weken in koud water. De witte wijn met het citroensap langzaam verwarmen en er de uitgeknepen gelatineblaadjes één na één in oplossen, telkens goed mengen (als je poeder gebruikt, dit luchtig in de warme vloeistof strooien). De druiven in een mooie vorm leggen en de wijn erover gieten. Tot de volgende dag in de koelkast zetten. De crème bereiden: de melk met het vanillestokje laten koken. De eierdooiers met de suiker tot een schuimig mengsel kloppen, de warme melk erover gieten en onder voordurend roeren op een zacht vuurtje laten indikken (niet laten koken). Laten afkoelen en op een koele plaats zetten. De gestorte aspic serveren met de crème.
Om de aspic gemakkelijk te kunnen storten, de vorm enkele seconden in warm water dompelen en met een korte ruk op een schotel omdraaien.
Eet smakelijk!