Het kookplekje

Vegetarische gerechten

Voorjaarsgroenten in waterkersflensjes

Bereiding

Maak eerst het crepebeslag. Meng het ei met ¼ tl zout in een keukenmachine of blender. Voeg dan de bloem, melk, 1 tl. olie en de sjalotten toe en draai tot de sjalotten heel fijn gesnipperd zijn. Voeg de waterkers toe en laat nog even draaien. Doe het beslag in een kom en zet 30 min. in de koelkast. Snijd de asperges in twee of drie stukken van 5 cm. lang. Blancheer de babymaïs, de wortel en de aspergestukken. Haal ze uit de pan en doe ze direct in ijswater om het kookproces te stoppen. Maak de twee paprika sausen. Doe de rode en de gele elk in afzonderlijke pannen. Verdeel de sjalotten, tijm en bouillon over de twee pannen en breng de inhoud aan de kook. Draai het vuur laag en laat de ingrediënten ca. 5 min. sudderen tot de paprika zacht is. Pureer de twee sausen afzonderlijk in een keukenmachine. Zeef beide sausen en doe ze terug in aparte pannen. Breng de saus op smaak met 2 tl citroensap. Houd de saus hierna warm. Bak de flensjes in een ingevette flensjespan ongeveer 1 min. tot de bovenkant stevig wordt. Draai dan het flensje om en bak nog 30 sec. tot de onderkant lichtbruin wordt. De het gebakken flensje op een bord en dek dit af met een stukje alu-folie en houd warm. Bak nu op dezelfde manier de rest van de flensjes. Verwarm de oven voor op 175°C. Roer de resterende zout door de fromage frais. Vouw elk flensje dubbel en dan weer dubbel, waarbij u zakjes tussen de lagen maakt. Leg de flensjes op een werkblad en verdeel de geblancheerde groenten en schik ze in de envelopjes. Leg ze op een ovenschaal. Schep de fromage frais er boven op en dek dit af met alu-folie en zet de flensjes ongeveer 10 min. in de oven tot ze goed zijn door gewarmd. Verwarm intussen geleidelijk de twee paprika-sausen en doe ze met de flensjes op voorverwarmde borden.

Met dank aan : De Nederlandse Club voor Chef-koks

Eet smakelijk!