Het kookplekje

Hoofdgerechten / Rundsvlees

Vlaamse stoverij

Voor 4 personen

Bereiding

Snijd het vlees in blokken van ongeveer 4 cm en dep ze droog met keukenpapier; droog vlees kleurt beter. Kruid met peper en zout.

Verhit de boter met de olie in een zware stoofpot. Bak het vlees in drie of vier keer rondom bruin op een hevig vuur. Leg niet te veel blokken tegelijk in de pot, anders gaat het vlees koken in zijn eigen vocht in plaats van te kleuren. Haal het vlees telkens uit de pot.

Snijd de uien in halve ringen en stoof ze in dezelfde pot op een matig vuur zacht en lichtbruin, een tiental minuten. Schraap daarbij de aanbaksels van de bodem los; daar zit veel smaak in.

Doe het vlees met zijn sap terug in de pot, bestrooi met de bloem en laat al roerend 2 minuten meebakken. Giet het bier en de bouillon erbij en voeg het laurierblad, de tijm en de kruidnagels toe.

Besmeer de sneden brood of peperkoek royaal met mosterd en leg ze bovenop het vlees, met de mosterdkant naar onder. Breng aan de kook, zet het vuur heel laag en laat de stoverij met het deksel op 2,5 tot 3 uur zacht pruttelen. Roer af en toe om; het brood valt vanzelf uit elkaar en bindt de saus.

Proef op het einde: roer de bruine suiker of de siroop en de azijn erdoor en kruid bij met peper en zout. Het zoetzure moet de bittere toets van het bier in evenwicht brengen. Haal laurier, tijm en kruidnagels eruit. Is de saus te dun, laat dan nog wat inkoken zonder deksel.

Dien op met frietjes, een kom appelmoes en een groen slaatje.

Tip

Stoverij is de dag nadien nog lekkerder. Laat ze afkoelen en zet ze in de koelkast; warm ze de volgende dag zachtjes op. In West- en Oost-Vlaanderen doen sommigen er op het einde nog een handvol gedroogde pruimen bij. Gebruik geen licht pils, dat wordt bitter bij lang stoven.

Eet smakelijk!